Waarom ik beloningsgericht werk – en ja, dus met (soms veel) voertjes!

Waarom ik beloningsgericht werk met honden

“Maar moet een hond dan altijd een koekje krijgen?”
Het is misschien wel één van de meest gestelde vragen tijdens lessen. En eerlijk gezegd word ik soms een beetje moe van de weerstand die er nog steeds bestaat tegen het gebruik van voertjes tijdens training. Want juist voeding is voor veel honden een bron van plezier, veiligheid en motivatie. Het is geen omkoping. Het is communicatie.

Honden leven niet in onze mensenwereld

Wij verwachten ontzettend veel van honden. Ze moeten rustig meelopen in drukke winkelstraten, stil blijven wanneer de deurbel gaat, niet snuffelen aan vreemde dingen, netjes wachten, sociaal zijn tegen onbekenden en vooral “luisteren”.

Maar honden zijn geen mensen in een hondenpak.

Een hond beleeft de wereld totaal anders dan wij. Waar wij vooral vertrouwen op woorden en beelden, leeft een hond grotendeels via geur. Hun neus verwerkt informatie op een niveau dat wij ons nauwelijks kunnen voorstellen. Daarnaast zien honden anders dan wij — beweging valt hen bijvoorbeeld veel meer op — en ook hun gehoor werkt anders. Geluiden die wij amper registreren kunnen voor een hond enorm intens zijn.

En toch verwachten we dat ze onze taal begrijpen. Dat ze weten wat “netjes”, “rustig”, “niet doen” of “even wachten” betekent. Vaak vragen we gedrag waarvan een hond simpelweg nog niet begrijpt wat we bedoelen. Of wat de hond niet durft uit te voeren omdat de omgeving niet veilig is. Anders is.

Gedrag dat iets oplevert, gaat zich herhalen

Dat is eigenlijk de basis van leren. Gedrag dat een hond iets oplevert, zal zich herhalen. En daar zit meteen ook een belangrijke valkuil.

We denken bij belonen alleen aan koekjes, terwijl aandacht óók een beloning kan zijn. Zelfs negatieve aandacht. Een hond die tegen mensen opspringt en vervolgens wordt weggeduwd of aangesproken, krijgt alsnog interactie. Voor sommige honden is dat al winst.

Daarnaast denken wij als mensen vaak dat een knuffel of een aai over het hoofd automatisch prettig is voor een hond. Maar voor veel honden voelt dat helemaal niet als een beloning. Sterker nog: sommige honden vinden het oncomfortabel of zelfs spannend wanneer iemand over hen heen buigt of een hand boven op hun hoofd legt.

Dus als we eerlijk kijken naar hoe honden leren, belonen we continu gedrag — bewust of onbewust.

Waarom ik juist wél voertjes gebruik (en ja, sommige honden vinden hun eigen eten ook al fijn om voor en mee te werken).

 

Voeding is biologisch relevant. Het is geen trucje. Voeding heeft een intrinsieke waarde.
Een hond hoeft niet eerst overtuigd te worden dat eten waardevol is. Dat maakt het juist zo’n krachtig en eerlijk communicatiemiddel Leren wordt leuk. En dat is belangrijk. Want een hond die zich veilig voelt en plezier ervaart, leert simpelweg beter dan een hond die onder druk staat.

Ik zie training niet als “de baas zijn over je hond”. Ik zie training als samenwerken en uitleggen. Daarom gebruik ik ook geen “gehoorzaamheid” en “commando’s”.

“Maar straks doet hij het alleen nog voor koekjes”

 

Maar denk eens na over onszelf. Wij werken ook niet voor niets. Gedrag dat loont houden ook wij langer vol. Bij honden werkt dat niet anders.

En nee, het idee is niet dat een hond zijn hele leven voor élke oefening voortdurend een koekje krijgt. Wanneer bepaald gedrag goed aangeleerd is en stevig “op cue” staat, gaan we juist werken met intervalbeloningen. De hond leert dan dat beloning niet altijd direct volgt, maar dat het gedrag nog steeds de moeite waard is om uit te voeren. Uiteindelijk kunnen sommige oefeningen zelfs grotendeels zonder voer uitgevoerd worden, omdat het gedrag zelf gewoonte is geworden en onderdeel van het dagelijks leven.

Beloningsgericht werken gaat niet over altijd maar snoepjes geven

Bij mij draait hondentraining niet om gehoorzaamheid uit angst of druk. Ik wil honden helpen begrijpen wat er van hen verwacht wordt in een wereld die eigenlijk helemaal niet voor honden gemaakt is.

En als een simpel voertje daarbij kan helpen om leren leuker, duidelijker en prettiger te maken — waarom zouden we dat dan níét gebruiken?