De meeste honden wereldwijd leven nog altijd als vrij levende honden. In veel westerse landen is de hond echter steeds meer een huisdier geworden.
Ze hoeven niet langer op zoek naar voedsel of hebben geen taak meer te vervullen. Alles wordt voor hen geregeld. Maar waarom zien we dan juist steeds meer gedragsproblemen?
Het zijn niet de honden die veranderd zijn, maar de wereld waarin zij moeten leven.
Honden zijn zoveel meer dan huisdieren. Eeuwenlang waren zij onze partners: ze hielpen ons jagen, waken, hoeden en samenwerken. Ze hadden een functie, invloed op hun omgeving en de vrijheid om keuzes te maken.
Voor veel huishonden ziet het leven er tegenwoordig heel anders uit. Wij bepalen wanneer en waar ze lopen, wat en wanneer ze eten, met wie ze contact hebben en wanneer ze rusten. Hun autonomie is vaak beperkt, terwijl juist de mogelijkheid om zelf keuzes te maken een belangrijke basis vormt voor welzijn.
In deze video leg ik uit waarom dat zo belangrijk is.
Ook laat ik zien hoe je met relatief kleine dagelijkse aanpassingen je hond meer autonomie kunt geven. Dat vergroot niet alleen het welzijn, maar kan ook veel gedrag voorkomen of verminderen dat wij als ‘probleemgedrag’ ervaren.
Want gedrag is vaak geen probleem op zichzelf, maar een signaal dat er iets ontbreekt.
De sleutel ligt niet in méér controle over onze honden, maar in het (terug)geven van een stukje keuzevrijheid.